Waarom Márquez denkt dat hij geen 'specialist' meer is op nieuwe MotoGP-circuits
In dit artikel:
Marc Márquez, inmiddels fabriekscoureur bij Ducati, ziet zijn vroegere voordeel op debuutcircuits afnemen. Waar hij in het verleden direct sterk presteerde en eerste overwinningen pakte op banen als Austin, Termas de Río Hondo, Buriram en recent Balaton Park, ontbreken successen op nieuwere layouts als Portimão en Mandalika. Márquez verklaart dat zijn vermogen om snel op instinct de limiet te vinden vroeger doorslaggevend was, maar dat ervaring inmiddels heeft geleid tot een meer voorzichtige, berekende aanpak. "Vroeger was ik een specialist", aldus Márquez; toch blijft hij vertrouwen hebben in zijn aanpassingsvermogen.
Dit weekend staat de Grand Prix in Goiânia (Brazilië) op het programma, op het korte Autódromo Internacional Ayrton Senna van 3,83 km — het op één na kortste circuit op de kalender. Het circuit telt vijf linker- en negen rechterbochten en rijdt met de klok mee; Márquez geeft aan dat die verhouding niet ideaal is voor zijn rijstijl. Omdat er op vrijdag langere trainingssessies zijn gepland en het baanverloop weinig lengte kent, verwacht hij dat de baan tegen de race minder als 'nieuw' zal aanvoelen: veel ronden betekent minder ruimte voor improvisatie en meer aandacht voor detail.
Daarnaast speelt de bandenkeuze een rol. Michelin brengt voor Brazilië drie asymmetrische achterbanden mee, twee met een versterkte constructie (zoals in Oostenrijk) en één harde specificatie die Márquez eerder in Buriram nadelig achtte voor Ducati. De fabrikant zag zijn reeks van 88 opeenvolgende podiumplaatsen al beëindigd worden in Thailand, waar Marco Bezzecchi namens Aprilia won.
Márquez erkent dat concurrenten als Bezzecchi en Pedro Acosta momenteel op een zeer hoog niveau rijden en goed in balans zijn met hun machines. Voor Ducati ligt er nog werk om dat tempo te evenaren; het team en Márquez zullen zowel motorafstelling als rijstijl moeten aanpassen om competitief te blijven.