Russell over scenario waar Verstappen voor waarschuwde: "Dat kan, maar voelt natuurlijk"
In dit artikel:
Na de eerste echte rondes met de 2026-auto’s zijn teams en rijders opvallend positief, ondanks eerdere bezorgdheid op basis van simulatorwerk. Mercedes-teambaas Toto Wolff zei bij de seizoenspresentatie dat hij “geen enkel nadeel” heeft gezien; hij prijst de nieuwe look, de motorformule met boost en verwacht dat het energiemanagement een extra strategische laag aan de sport toevoegt. De eerste baanactie vond plaats tijdens de shakedown- en testdagen in Barcelona.
Wat opviel tijdens die sessies was een groot snelheidsverschil op rechte stukken tussen auto’s die opgewonden energie terugwinnen en auto’s die dat niet deden — in één geval werd een inhaalactie van zo’n 50–60 km/u gemeld. Wolff ziet daarin juist kansen voor onverwachte inhaalplaatsen en meer tactische rijstrategieën, iets dat volgens hem voor fans duidelijk en interessant zal zijn.
Coureurs reageren terughoudend positief. George Russell noemt het verdwijnen van porpoising een grote opluchting voor het fysieke comfort, en merkt dat de nieuwe auto’s minder gevoelig zijn voor rijhoogteverschillen. Dat betekent dat teams minder op de limiet hoeven te opereren en rijders minder lichamelijke klachten ervaren. Jongere talenten zoals Andrea Kimi Antonelli zeggen dat de wagens goed bestuurbaar zijn: ze zijn wel langzamer en hebben minder downforce, maar voelen lichter (ongeveer dertig kilo) en wendbaarder, vooral in langzame bochten.
Tegelijk is het duidelijk dat 2026 meer draait om energiemanagement en actieve aerodynamica dan voorheen. Dat kan ertoe leiden dat rijders op het einde van rechte stukken terugschakelen of ‘lift and coast’ toepassen, ook tijdens kwalificatie, om uiteindelijk de snelste rondetijd te halen. Russell en anderen zeggen dat dat in de simulator soms gekker aanvoelde dan op de baan; in de praktijk voelt het volgens hen vaak natuurlijk en vergelijkbaar met het tegen een helling op rijden waarbij je toeren zoekt door terug te schakelen.
Er is zorg over veiligheid: grote snelheidverschillen op rechte stukken kunnen op circuits met weinig overzicht (zoals Jeddah) risico’s vergroten. Russell denkt echter dat dat vooral in droge omstandigheden beheersbaar is; bij nat weer zou het energieniveau over een ronde door meer remmen en lagere bochtsnelheden minder variëren.
Het definitieve oordeel over de reglementen volgt pas tijdens de races, waar moet blijken of de wagens dichter op elkaar kunnen rijden — een belangrijk doel van de FIA. De eerste indrukken zijn echter dat de Formule 1 wel verandert, maar niet verandert in iets volledig onnatuurlijks: meer tactiek en energiemanagement, minder downforce, maar nog steeds een race waarin vaardigheid telt.