Red Bull: Zou naïef zijn om te denken dat F1-motor meteen beste is
In dit artikel:
Red Bull stapt vanaf 2026 zelf in de motorbouw, in samenwerking met Ford onder de naam Red Bull Powertrains‑Ford. Dat volgt op Honda’s keuze om zijn motorlevering exclusief aan Aston Martin te koppelen; Honda blijft wel formeel bij de sport betrokken en schreef zich in voor het Concorde‑verdrag 2026–2030. Red Bulls nieuwe ontwikkelcentrum staat in Milton Keynes en telt zo’n 600 medewerkers, testbanken en een eigen gebouw.
Vanaf 2026 nemen Red Bull en Ford het op tegen gevestigde motorfabrikanten als Mercedes, Ferrari en Honda, plus nieuwkomer Audi. De herziene motorregels bevatten wel extra ontwikkeltijd en budgetruimte voor achterblijvers, maar er blijft onzekerheid over betrouwbaarheid en prestaties van de nieuwe power‑units. In de paddock wordt met name gespeculeerd dat teams met lange ervaring, zoals Mercedes, een voorsprong hebben opgebouwd sinds de V6‑hybrideperiode van 2014.
Red Bull‑teambaas Laurent Mekies erkent dat het een zware opgave wordt: “We zijn vanaf nul begonnen,” en waarschuwt voor “een paar heel, heel zware maanden” met vele slapeloze nachten. Toch omschrijft hij de missie als passend bij Red Bulls ambitie en trots, ondanks het feit dat ze straks concurreren met fabrikanten die decennia aan ervaring hebben. De komende seizoenen zullen dus laten zien of de combinatie Red Bull‑Ford snel competitief kan zijn.