Nieuwe FIA-ingreep voor Monaco: minder vermogen door nieuwe motormapping
In dit artikel:
Monaco krijgt dit seizoen ingrijpende aanpassingen in verband met de nieuwe technische regels van de Formule 1. De FIA verbiedt op het gehele stratencircuit het gebruik van actieve aerodynamica: coureurs mogen de vleugels niet meer openen tijdens kwalificatie of race, ook niet op het vroegere rechte stuk langs de pits. Die beslissing vloeit voort uit veiligheidscriteria die activeringszones alleen toestaan op gedeeltes waar de auto niet op het uiterste van grip rijdt en waar de banden geen maximale laterale of tractiebelasting ondervinden. Ook geldt dat een activeringszone minimaal drie seconden moet duren, om kort openen met verwaarloosbaar voordeel te voorkomen.
De keuze om 'straight mode' uit te schakelen is deels een reactie op de hogere acceleratiecapaciteit van de huidige krachtbronnen. Vorig jaar hielden coureurs op het pitstraatrechte stuk de achtervleugel ruim vijf seconden open bij ongeveer 290 km/u. Nu levert de 350 kW-sterke MGU-K veel meer boost in de acceleratiefase, waardoor auto's sneller hoge snelheden bereiken en daarmee het risico toenam dat men te snel de remzone van Sainte Devote binnenkomt — een plek met hobbelig asfalt en weinig uitloop waar veel neerwaartse druk nodig is om blokkeren van de voorwielen te voorkomen.
Daarnaast introduceert de FIA voor Monaco een speciale motormap, 'Rev1', die de vermogenscurve van de MGU-K anders begrenst. Het maximale piekvermogen van 350 kW blijft behouden, maar in Monte Carlo wordt dat vermogen alleen tot circa 200 km/u volledig gegeven; daarna begint een sterke afbouw. Rond 270 km/u is de bijdrage van de elektromotor nog ongeveer 100 kW en bij 300 km/u levert de MGU-K geen bijdrage meer. Deze maatregel is puur veiligheidsgedreven, niet bedoeld om energie te sparen — Monaco vereist door de vele remzones doorgaans weinig energieverbruik en laadt de batterij efficiënt.
Ook de inhaal- of overtake-modus is aangepast: die biedt in Monaco eveneens maximaal vermogen tot 200 km/u, maar kent een minder steile terugval, waardoor bij bijvoorbeeld 260 km/u de overtake-mapping bijna 100 kW meer levert dan de standaardmapping (die dan circa 150 kW beschikbaar stelt). Teams kregen alle technische specificaties en toegestane activaero-zones minimaal vier weken vooraf, zodat ze zich via simulaties kunnen voorbereiden.
Kort samengevat: in Monte Carlo draait de aanpassing om het beperken van topsnelheden en het verkleinen van risico's bij kritieke remzones door het uitschakelen van actieve aerodynamica en het toepassen van een strengere elektrische vermogensafbouw.