Nieuw museum moet van Le Mans dé hoofdstad van de autosport maken
In dit artikel:
Het voormalige 24 Heures du Mans Museum is na een ingrijpende verbouwing van ruim negen maanden heropend als M24 – Musée du Sport Automobile, direct naast de ingang van het Circuit de la Sarthe in Le Mans. Initiatiefnemers, geleid door ACO-president Pierre Fillon en museumdirecteur Fabrice Bourrigaud, willen met het nieuwe instituut uitgroeien tot een wereldwijde referentie voor autosportgeschiedenis. Volgens Fillon was er vanaf het begin een harde deadline: het museum moest op 28 mei om 10.00 uur open zijn, vlak voor de raceactiviteiten.
Belangrijkste vernieuwingen zijn de verbreding van het thema en de verdubbeling van de tentoonstellingsruimte: van 5.000 naar 10.000 m². In plaats van uitsluitend de 24 uur van Le Mans te belichten, bestrijkt de opzet nu de bredere autosportwereld — van Formule 1 en IndyCar tot rally en motosport — en neemt bezoekers mee langs de beleving van een volledige Le Mans-week. De collectie groeide naar ongeveer 130 auto’s (waarvoor ACO en partner Richard Mille samen rond de vierhonderd voertuigen hebben), maar de nadruk ligt evenzeer op het vertellen van verhalen en het oproepen van emoties dan op aantallen.
De presentatie is sterk vernieuwd: scenograaf Raphaël Daguet werkte aan een meeslepende belichting en opbouw, met levensgrote diorama’s van racewagens en teamtrucks. Zelfs de vloer heeft het karakter van het circuitasfalt van de Sarthe, waardoor de tentoongestelde “mechanische kunstwerken” in een realistische context staan. Het archief van de ACO — meer dan een miljoen foto’s — gecombineerd met topstukken uit de privécollectie van horlogemaker Richard Mille, levert volgens de organisatie een indrukwekkende staalkaart op.
Enkele blikvangers zijn de Ferrari F2002 van Michael Schumacher en voertuigen verbonden aan Henri Pescarolo, evenals de winnende Bentley uit 1924, de Rondeau van een lokale constructeur en raceauto’s van Jacky Ickx en rallylegende Sébastien Loeb. Bourrigaud benadrukt dat het museum geen statische collectie wil zijn: een deel van de circa vierhonderd beschikbare auto’s blijft in reserve en vanaf 2027 worden grote tijdelijke tentoonstellingen toegevoegd.
Het M24 positioneert zich daarmee als een verplichte stop voor autosportliefhebbers die Le Mans bezoeken, met een ambitie om zowel historische diepgang als belevingswaarde te bieden.