Max Verstappen wilde nieuwe F1-auto liever niet in simulator testen: "Dit is Formule E"
In dit artikel:
Aan het einde van de tweede testdag in Bahrein maakte Max Verstappen zich kwaad over het nieuwe reglement voor de 2026-auto’s. In zowel de Engelse als de Nederlandse mediasessies zei hij dat de nieuwe bolides “anti-racing” aanvoelen en vergeleek het rijgedrag met Formule E — en hij verklaarde dat het gevoel op de baan overeenkomt met wat hij in de simulator ervoer. Zo onprettig vond hij het, dat hij vorig jaar besloot de 2026-auto niet meer in de sim te rijden en zich liever te concentreren op de vorige generatie auto’s.
Verstappen noemt meerdere pijnpunten: zeer inefficiënte energieterugwinning op rechte stukken, een gebrek aan grip en een rijstijl die onnatuurlijk aanvoelt. Doordat je soms bewust langzamer door een bocht moet om energie te recupereren, kan je op het rechte stuk veel tijd verliezen — een tactiek die volgens hem niet thuis hoort in de Formule 1. Hij vergelijkt de nieuwe auto’s zelfs ongunstiger met de grondeffectwagens van vorig jaar: die waren volgens hem nog veel leuker om mee te rijden.
De kritiek heeft ook persoonlijke consequenties: de onvrede vermindert zijn motivatie om nog jaren in de Formule 1 te blijven. Hij meldt dat hij meer aandacht richt op andere projecten, zoals GT3, en dat hij daar al aan werkt. Verstappen verwacht dat sommige partijen (FIA, FOM) misschien niet helemaal hebben voorzien hoe groot de problemen zijn en waarschuwt dat circuits als Melbourne de tekortkomingen nog duidelijker zullen maken.
Als regerend wereldkampioen en invloedrijke stem in de paddock kan Verstappens openlijke afkeur druk op de organiserende instanties uitoefenen en het debat over het reglement vóór het seizoen voortstuwen.