Max Verstappen geniet van GT3-avontuur: "Met een glimlach uit de auto"
In dit artikel:
Na de puntloze Grand Prix van China reed Max Verstappen door naar Duitsland voor de tweede ronde van de Nürburgring Langstrecken-Serie (NLS). Samen met teamgenoten Daniel Juncadella en Jules Gounon kwam hij als winnaar over de streep, maar het trio werd later gediskwalificeerd omdat het team te veel sets banden had gebruikt. Ondanks het verlies van het formele resultaat bleef Verstappen positief: de race diende vooral als voorbereiding op de 24 uur van de Nürburgring op 16 en 17 mei en leverde veel leerpunten op.
Tijdens de kwalificatie ging het mis tijdens het oefenen van pitstops; er werd per ongeluk een extra bandenset op de auto gezet tijdens de out-in-runs. In de wedstrijdroutine gebruiken teams normaal gesproken vier nieuwe sets, waardoor de overtreding onder de regels viel en tot de straf leidde. Verstappen benadrukte dat het vervelend was om de overwinning te verliezen, maar dat het de ploeg ook scherp zet. Hij prees de samenwerking binnen het team en de ervaring van de engineers in de GT-racerij.
Voor Verstappen is het doel duidelijk: de 24 uur van de Nürburgring winnen. De NLS-races gebruikt hij om de afstelling van de auto te vinden, bandenkeuzes en compound-effecten te begrijpen, en verkeerssituaties te trainen — niet alleen snelle ronden, maar consistente prestaties in druk verkeer. Daarnaast was het voor hem belangrijk om de teamprocedures te leren; pitstophandelingen zoals het helpen wisselen van coureur waren nieuw en voelden in het begin als ‘rookiewerk’.
Kort na de Nürburgring stapte Verstappen op een nat Fuji-circuit in een Nissan Z Nismo GT500 uit de Super GT-topklasse, een promotie-uitstap voor Red Bull. Door hevige regen verliepen de sessies onderbroken en hij reed minder ronden dan gewenst, maar hij genoot van de ervaring en het andere gripgevoel in de regen. Over de mogelijkheid op langere termijn in Super GT te acteren was hij terughoudend: hij vindt de klasse aantrekkelijk, maar preferereert losse races boven het volledig rijden van een kampioenschap vanwege zijn Formule 1-verplichtingen.
Verstappen concludeert dat GT- en Super GT-auto’s wezenlijk anders aanvoelen dan F1-wagens — meer bewegingsvrijheid, duidelijker gewicht — maar dat simulatorwerk hem heeft geholpen om zich snel aan te passen. Wat de auto ook is: zijn instelling blijft hetzelfde: zodra hij instapt probeert hij zo snel mogelijk te rijden.