Legt Balaton Park zwakte Aprilia bloot? "Kunnen motor niet optimaal benutten"
In dit artikel:
Aprilia, dat in de eerste zeven Grands Prix van 2026 vijf zeges pakte (vier met koploper Marco Bezzecchi en één met Jorge Martín), kwam tijdens de MotoGP in Hongarije tekort. Op het Balaton Park Circuit — een stop‑en‑go‑baan met korte rechte stukken, veel remzones en langzame bochten — was de RS‑GP duidelijk minder competitief. In de sprintrace finishte Bezzecchi knap als derde; Raúl Fernández werd vierde, Martín zesde en Ai Ogura elfde.
Jorge Martín verklaarde dat de motor zijn downforce in de langzame bochten niet kan vasthouden: "Het lijkt erop dat we de lijn niet kunnen houden zodra we de rem loslaten." Daardoor verliest de RS‑GP stuureigenschappen zodra de downforce wegvalt. Fernández bevestigt dat de Aprilia hier niet goed tot z’n recht komt en legt uit dat op dit soort circuits vooral een motor nodig is die snel van richting verandert; bovendien maakten uitmuntende prestaties van Marc Márquez en Pedro Acosta het voor Aprilia extra lastig.
Bezzecchi biedt een alternatieve verklaring: volgens hem spelen wisselende baancondities een grotere rol dan het type circuit. In de beginfase van de sprint voelde hij weinig grip — "alsof ik op ijs reed" — en dat zorgt voor inconsistentie tussen sessies. Conclusie: Aprilia profiteert op snelle, vloeiende circuits, maar in Hongarije brachten zowel circuitkarakteristieken als veranderlijke omstandigheden en sterke concurrenten problemen naar voren; aanpassing van setup en rijstijl lijkt nodig om het verlies van downforce te compenseren.