James Vowles licht verzoek om herziening F1-budgetplafond toe
In dit artikel:
Williams-teambaas James Vowles pleit ervoor de financiële regels van de Formule 1 opnieuw tegen het licht te houden. Volgens hem heeft het budgetplafond wel voor financiële stabiliteit gezorgd, maar is het er niet in geslaagd de teams competitiever bij elkaar te brengen. Integendeel: eerdere investeringen van de topteams zorgen nog altijd voor een structureel voordeel.
Toen Vowles in 2023 bij Williams begon, kregen lager geklasseerde teams tijdelijk extra ruimte voor kapitaaluitgaven. Die regeling is inmiddels opgenomen in het algemene budgetplafond, dat momenteel 215 miljoen dollar per seizoen bedraagt. Investeringen moeten echter lineair worden afgeschreven. Daardoor blijven grote uitgaven jarenlang op het budget drukken.
Vowles schat dat Williams ongeveer 200 miljoen dollar nodig heeft om de faciliteiten van de topteams bij te benen. Als dat bedrag over tien jaar wordt afgeschreven, kost het Williams jaarlijks circa 20 miljoen dollar aan budgetruimte voor de auto en personeel. Teams die vóór de invoering van het plafond al zwaar hadden geïnvesteerd, hoeven die achterstand niet meer in te lopen en behouden volgens hem daardoor een ingebouwd voordeel.
Ook de productie is volgens Vowles veel duurder bij Williams. Door verouderde faciliteiten en inefficiënte processen betaalt het team naar eigen schatting 25 tot 30 procent meer voor onderdelen dan de grootste teams, terwijl die onderdelen ook later beschikbaar zijn. Hij benadrukt dat extra geld alleen niet direct genoeg is: het opbouwen van nieuwe fabrieken en processen kost jaren.
De cijfers wijzen volgens Vowles eveneens op grotere sportieve ongelijkheid. De onderste vijf of zes teams scoren sinds de invoering van het budgetplafond minder punten, terwijl de top vier er meer behaalt. In de laatste 130 Grands Prix won slechts één coureur van buiten een topvierteam: Esteban Ocon voor Alpine in Hongarije in 2021. Ook het aandeel podiumplaatsen voor niet-topvierteams daalde volgens Vowles van 10 naar 5 procent.
Hij zegt steun te krijgen voor een eerlijker systeem, maar erkent dat topteams niet snel zullen instemmen met regels die hun huidige voorsprong verkleinen. Met het oog op de volgende grote reglementswijziging rond 2030 of 2031 wil Vowles voorkomen dat de bestaande verschillen opnieuw voor jaren worden vastgelegd.
Vandaag Inside: Tina Nijkamp: 'Ik erger me eraan dat Angela de Jong dit blijft volhouden'