Honda krijgt extra hulp voor F1-motor na aanpassing ADUO-mechanisme
In dit artikel:
De FIA heeft de reglementen rond de nieuwe 2026-krachtbronnen aangepast om achterblijvende motorfabrikanten sneller competitief te laten worden; die wijziging lijkt vooral bedoeld om merken zoals Honda extra ademruimte te geven. Honda, dat samenwerkt met Aston Martin, loopt achter in de ontwikkeling van de V6-powerunit en kampt met zowel prestatie- als betrouwbaarheidsproblemen.
Het ADUO-mechanisme (Additional Development and Upgrade Opportunities) kent een glijdende schaal van extra ontwikkelingsmogelijkheden en uitzonderingen op het motorbudget, afhankelijk van hoeveel een fabrikant in ICE‑vermogen achterloopt op de benchmark. De FIA voegde een nieuwe categorie toe voor merken die 10% achterlopen (voorheen 8%): zij krijgen tot 11 miljoen dollar extra binnen het budgetplafond en maximaal 230 extra dyno‑uren. Voor dit jaar komt daar een eenmalige aanvullende ruimte van 8 miljoen dollar bovenop.
De technische reglementen leggen ook vast welke onderdelen van de power unit via ADUO buiten de normale homologatieperiode kunnen worden geüpdatet. ADUO is geen oplossing op zichzelf: fabrikanten moeten nog steeds zelf ontwikkelingsslagen maken en dat kost tijd.
De timing van de ADUO-evaluaties is aangepast door het wegvallen van Bahrein en Saudi‑Arabië. Het eerste prestatiemoment valt nu na de vijfde race (Grand Prix van Canada in Montreal), daarna na race 11 (Hongarije) en race 18 (Mexico). De FIA meldt dat zowel de periodes als de meetmethodiek eventueel verder kunnen worden bijgesteld in overleg met teams en motorleveranciers.