Haas F1 begon al in 2024 met ontwikkelen VF-26
In dit artikel:
De nieuwe reglementen voor 2026 dwingen teams tot een ingrijpende heroriëntatie en hebben Haas voor zijn grootste voorbereiding ooit geplaatst. Formule 1-teams mochten tot 1 januari 2025 geen windtunnel- of CFD-tests doen die betrekking hadden op de auto voor komend seizoen, maar konden wel eerder concepten uitwerken. Bij Haas begon een kleine groep al in de tweede helft van 2024 met het verkennen van het 2026-concept; na de lancering van de VF-25 werd geleidelijk meer capaciteit naar het 2026-project verschoven en na de zomerstop volledig omgepakt.
Technisch directeur Andrea De Zordo zegt dat een deel van het team langzamerhand op de VF-25 bleef werken vanwege de scherpe kampioenschapsstrijd in 2025, wat de prioriteiten lastig maakte. Teambaas Ayao Komatsu bevestigt dat de VF-26 bij de seizoensstart nog updates krijgt: de versie die in de wintertests in Barcelona (26–30 januari) en de eerste Bahreintestweek (11–13 februari) rijdt, zal minder ver ontwikkeld zijn dan de auto’s die in Australië aan de start verschijnen.
Komatsu benadrukt dat Haas — een van de kleinste ploegen op de grid qua personeel en middelen — extra zwaar wordt getroffen door de financiële en organisatorische eisen van de regelwijziging. De ploeg moet scherp kiezen waar ze op inzetten, zwakke punten snel herkennen en het leerproces versnellen. Flexibiliteit en snelle aanpassing tijdens tests en races zullen cruciaal zijn.
Een technisch onderscheidend aspect van 2026 zal het energiebeheer zijn: de nieuwe bolides hebben ongeveer een gelijke verdeling tussen verbrandingsmotor en elektrische aandrijving en krijgen modi zoals Overtake Mode en Boost Mode. Volgens Komatsu is het prioriteit om elektrische energie optimaal te doseren zodat een auto niet op rechte stukken zonder vermogen komt te zitten — een uitdaging waarvan de omvang pas in de praktijk volledig duidelijk wordt.
Kortom: Haas heeft vroeg werk gemaakt van 2026-concepten, maar moet tegelijk het huidige seizoen blijven bedienen. De combinatie van beperkte middelen, ingrijpende reglementsveranderingen en het kritieke vraagstuk rond energiebeheer maakt 2026 voor de Amerikaanse renstal vooral een logistieke en technische proef op snelheid en wendbaarheid.