Formule E: "F1 probeert op ons te lijken, en dat is een fout"
In dit artikel:
Alberto Longo, medeoprichter van Formule E, waarschuwt dat de Formule 1 de verkeerde kant op gaat door haar reglementen naar die van het volledig elektrische kampioenschap te trekken. Dit seizoen veranderde de F1 haar technische regels ingrijpend: ook de power unit is aangepast zodat het elektrische deel nu tot 50% van het vermogen voor zijn rekening neemt. Volgens Longo ondermijnen sommige keuzes het spektakel waar de Formule 1 om bekendstaat.
Coureurs, waaronder Max Verstappen, vergeleken de nieuwe bolides met Formule E; Longo reageert laconiek — "laat ze maar praten" — en vindt het positief dat erover gesproken wordt. Hij benadrukt wel dat de kampioenschappen wezenlijk verschillend zijn en dat F1 trouw aan zijn eigen identiteit zou moeten blijven: geluid, volle prestaties en het pushen van cutting‑edge technologie, aldus Longo.
Longo wijst op concrete verschillen in rijgedrag en energiebeheer. Terwijl F1-teams in Melbourne kampten met tekort aan elektrische energie op rechte stukken, kunnen Formule E-auto’s in hun Attack Mode (350 kW) volgens hem zes tot acht minuten doorrijden zonder snelheid te verliezen. Daardoor zouden FE-wagens minder last hebben van de problemen die sommige F1‑teams nu ervaren.
Daarnaast ziet Longo een rol voor Formule E als flexibel testplatform voor elektrische mobiliteit en nieuwe circuits, zeker met de komst van de krachtiger Gen4-auto in 2026–2027. FE kan gemakkelijker diverse locaties gebruiken — denk aan straatcircuits als Brooklyn of Parijs — en vanaf volgend seizoen ook probleemloos langere banencomplexen zoals Mexico aandoen. Door de toenemende elektrificatie verwacht hij ook meer kruisbestuiving: FE-talent en ingenieurs zullen vaker ingezet worden door F1‑teams, en F1 zal op haar beurt specialisten uit andere series aantrekken.