De uitloopronde: Hoe we bij Motorsport.com Nederland AI voor ons laten werken

maandag, 2 februari 2026 (07:05) - Motorsport.com

In dit artikel:

Een reactie onder een artikel – waarin een lezer vroeg waarom Max Verstappen consequent als "de Nederlander" en Lando Norris als "de Brit" worden aangeduid – was aanleiding voor Motorsport.com Nederland om uit te leggen hoe de redactie met taalkeuze en kunstmatige intelligentie (AI) omgaat. Erwin Jaeggi, Director of Programming, legt uit dat variatie in aanduidingen (bijvoorbeeld ook "de viervoudig wereldkampioen", "de Red Bull-coureur" of "de Limburger") een klassieke journalistieke schrijftechniek is om herhaling te vermijden en teksten prettiger leesbaar te maken; daar is geen algoritme voor nodig.

De afgelopen twaalf maanden heeft de redactie veel nagedacht over AI. Aanvankelijk bestond er twijfel en terughoudendheid: journalisten vrezen verdringing en zijn kritisch over voorbeelden van volledig door AI geproduceerde of vertaalde stukken van buitenlandse media, die vaak van lage kwaliteit zijn en vooral verkeer genereren. Na intern beraad zijn er duidelijke keuzes gemaakt: AI wordt ingezet, maar altijd onder volledige redactionele controle en puur als hulpmiddel. De journalist blijft verantwoordelijk voor het verhaal.

Concreet gebruikt Motorsport.com Nederland AI voor:
- transcriptie van audiobestanden van interviews, mediasessies en persconferenties, om sneller te kunnen publiceren;
- vertaling van quotes uit verschillende talen, waarbij AI context beter meeweegt dan klassieke vertaalprogramma's;
- ondersteuning bij eindredactie als geavanceerde spelling- en grammaticacontrole die ook naar formuleringen en consistentie kijkt;
- het genereren van meerdere kopvarianten om te testen welke het beste werkt.

Jaeggi waarschuwt dat AI-systemen vaak een soort "gemiddelde" van online beschikbare informatie produceren. Dat is risicovol voor journalisten die juist met onderscheidende invalshoeken, scherpte en context willen uitblinken. AI kan patronen herkennen en snel berekenen, maar mist de zintuigen van een verslaggever: sfeer proeven in de paddock, lichaamstaal interpreteren of direct reageren op een live gebeurtenis. Actualiteit blijft een zwakke plek voor AI omdat een gebeurtenis eerst gepubliceerd moet zijn voordat een model het kan verwerken; wie live verslag doet behoudt daardoor een voorsprong.

Interessant is de parallel met de Formule 1, waar machine learning al decennia in simulaties en strategie-tools wordt toegepast, maar waarbij mensen nog steeds beslissen over pitstops, afstellingen en risico’s. De redactie ziet AI op diezelfde manier: als rekenkracht en versneller, met de journalist als degene die de knopen doorhakt en de context levert.