Alonso: "We eindigen vanzelf weer achteraan" ondanks vooruitgang
In dit artikel:
Fernando Alonso zegt dat Aston Martin sinds Miami wel vooruitgang heeft geboekt in afstellingen, maar dat de achterstand op de topteams nog groot blijft. In Montréal crashte zijn race met een DNF nadat pijn door een slecht passende zitpositie onhoudbaar werd; het team had het hele weekend al aanpassingen geprobeerd en zelfs geprobeerd in één nacht een nieuwe stoel te maken.
De race zelf verliep opnieuw frustrerend: een gewaagde start op zachte banden bracht Alonso kort in de top tien, maar de AMR26 zakte daarna snel terug naar wat hij zijn “natuurlijke positie” noemde. Alonso verwacht voorlopig vooral kleine verbeteringen aan onderdelen en systemen tot na de zomer, terwijl echte tijdwinst volgens hem van motorvermogen en een nieuw aeropakket moet komen — die upgrades staan pas in de tweede seizoenshelft gepland.
Intern ziet hij wel concrete stappen: sinds Miami zijn onder meer de versnellingsbak, de synchronisatie tussen versnellingen en het terugschakelen verbeterd, wat in Montréal een snellere auto opleverde vergeleken met die in Miami, ondanks dezelfde basisconfiguratie. Omdat er bovendien geen regen op komst was en punten onbereikbaar werden, besloot het team de auto uit de race te halen om de fysieke klachten te stoppen.
Kortom: zichtbare detailverbeteringen geven hoop op kleine stapjes richting Monaco, maar de structurele tekortkomingen van de AMR26 — vooral op motor- en aerogebied — bepalen voorlopig nog de limiet van de prestaties.